BEPALING CONSISTENTIEGRENZEN VOLGENS ATTERBERG

Voor het bepalen van de consistentiegrenzen van fijne grond bieden wij u twee mogelijkheden: bepaling van de vloeigrens met behulp van de Fallcone methode of met de Casagrande methode. Naast dat één van deze twee methode uitgevoerd moeten worden voor het bepalen van de vloeigrens dient ook de uitrolgrens bepaald te worden; de vloeigrens, uitrolgrens en daarmee de plasiteitsindex worden samen de Atterbergse grenzen genoemd. Het verschil tussen de Fallcone en de Casagrande methode alsmede de bepaling van de uitrolgrens wordt hier verder toegelicht.

Het bepalen van de consistentiegrenzen van fijne gronden kan worden uitgevoerd om de bewerkbaarheid van de te grond in beeld te brengen en om de classificatie van de grond (klei versus silt) nauwkeurig te kunnen bepalen. De classificatie van fijne grond is van groot belang voor het schematiseren van de gelaagdheid van de ondergrond.